📖 Spreuken 15
-
1
Een zacht antwoord keert de grimmigheid af; maar een smartend woord doet den toorn oprijzen.
-
2
De tong der wijzen maakt de wetenschap goed; maar de mond der zotten stort overvloediglijk dwaasheid uit.
-
3
De ogen des HEEREN zijn in alle plaatsen, beschouwende de kwaden en de goeden.
-
4
De medicijn der tong is een boom des levens; maar de verkeerdheid in dezelve is een breuk in den geest.
-
5
Een dwaas zal de tucht zijns vaders versmaden; maar die de bestraffing waarneemt, zal kloekzinniglijk handelen.
-
6
In het huis des rechtvaardigen is een grote schat; maar in des goddelozen inkomst is beroerte.
-
7
De lippen der wijzen zullen de wetenschap uitstrooien; maar het hart der zotten niet alzo.
-
8
Het offer der goddelozen is den HEERE een gruwel; maar het gebed der oprechten is Zijn welgevallen.
-
9
De weg der goddelozen is den HEERE een gruwel; maar dien, die de gerechtigheid najaagt, zal Hij liefhebben.
-
10
De tucht is onaangenaam voor dengene die het pad verlaat; en die de bestraffing haat, zal sterven.
-
11
De hel en het verderf zijn voor den HEERE; hoeveel te meer de harten van des mensenkinderen?
-
12
De spotter zal niet liefhebben, die hem bestraft; hij zal niet gaan tot de wijzen.
-
13
Een vrolijk hart zal het aangezicht blijde maken; maar door de smart des harten wordt de geest verslagen.
-
14
Een verstandig hart zal de wetenschap opzoeken; maar de mond der zotten zal met dwaasheid gevoed worden.
-
15
Al de dagen des bedrukten zijn kwaad; maar een vrolijk hart is een gedurige maaltijd.
-
16
Beter is weinig met de vreze des HEEREN, dan een grote schat, en onrust daarbij.
-
17
Beter is een gerecht van groen moes, waar ook liefde is, dan een gemeste os, en haat daarbij.
-
18
Een grimmig man zal gekijf verwekken; maar de lankmoedige zal den twist stillen.
-
19
De weg des luiaards is als een doornheg; maar het pad der oprechten is wel gebaand.
-
20
Een wijs zoon zal den vader verblijden; maar een zot mens veracht zijn moeder.
-
21
De dwaasheid is den verstandeloze blijdschap; maar een man van verstand zal recht wandelen.
-
22
De gedachten worden vernietigd, als er geen raad is; maar door veelheid der raadslieden zal elkeen bestaan.
-
23
Een man heeft blijdschap in het antwoord zijns monds; en hoe goed is een woord op zijn tijd!
-
24
De weg des levens is den verstandige naar boven; opdat hij afwijke van de hel, beneden.
-
25
Het huis der hovaardigen zal de HEERE afrukken; maar de landpale der weduwe zal Hij vastzetten.
-
26
Des bozen gedachten zijn den HEERE een gruwel; maar der reinen zijn liefelijke redenen.
-
27
Die gierigheid pleegt, beroert zijn huis; maar die geschenken haat, zal leven.
-
28
Het hart des rechtvaardigen bedenkt zich, om te antwoorden; maar de mond der goddelozen zal overvloediglijk kwade dingen uitstorten.
-
29
De HEERE is ver van de goddelozen; maar het gebed der rechtvaardigen zal Hij verhoren.
-
30
Het licht der ogen verblijdt het hart; een goed gerucht maakt het gebeente vet.
-
31
Het oor, dat de bestraffing des levens hoort, zal in het midden der wijzen vernachten.
-
32
Die de tucht verwerpt, die versmaadt zijn ziel; maar die de bestraffing hoort, krijgt verstand.
-
33
De vreze des HEEREN is de tucht der wijsheid; en de nederigheid gaat voor de eer.