📖 Psalmen 38
-
1
Een psalm van David, om te doen gedenken.
-
2
O HEERE! straf mij niet in Uw groten toorn, en kastijd mij niet in Uw grimmigheid.
-
3
Want Uw pijlen zijn in mij gedaald, en Uw hand is op mij nedergedaald.
-
4
Er is niets geheels in mijn vlees, vanwege Uw gramschap; er is geen vrede in mijn beenderen, vanwege mijn zonde.
-
5
Want mijn ongerechtigheden gaan over mijn hoofd; als een zware last zijn zij mij te zwaar geworden.
-
6
Mijn etterbuilen stinken, zij zijn vervuild, vanwege mijn dwaasheid.
-
7
Ik ben krom geworden, ik ben uitermate zeer nedergebogen; ik ga den gansen dag in het zwart.
-
8
Want mijn darmen zijn vol van een verachtelijke plage, en er is niets geheels in mijn vlees.
-
9
Ik ben verzwakt, en uitermate zeer verbrijzeld; ik brul van het geruis mijns harten.
-
10
HEERE! voor U is al mijn begeerte; en mijn zuchten is voor U niet verborgen.
-
11
Mijn hart keert om en om, mijn kracht heeft mij verlaten; en het licht mijner ogen, ook zij zelven zijn niet bij mij.
-
12
Mijn liefhebbers en mijn vrienden staan van tegenover mijn plage, en mijn nabestaanden staan van verre.
-
13
En die mijn ziel zoeken, leggen mij strikken; en die mijn kwaad zoeken, spreken verdervingen, en zij overdenken den gansen dag listen.
-
14
Ik daarentegen ben als een dove, ik hoor niet, en als een stomme, die zijn mond niet opendoet.
-
15
Ja, ik ben als een man, die niet hoort, en in wiens mond geen tegenredenen zijn.
-
16
Want op U, HEERE! hoop ik; Gij zult verhoren, HEERE, mijn God!
-
17
Want ik zeide: Dat zij zich toch over mij niet verblijden! Wanneer mijn voet zou wankelen, zo zouden zij zich tegen mij groot maken.
-
18
Want ik ben tot hinken gereed, en mijn smart is steeds voor mij.
-
19
Want ik maak U mijn ongerechtigheid bekend, ik ben bekommerd vanwege mijn zonde.
-
20
Maar mijn vijanden zijn levende, worden machtig; en die mij om valse oorzaken haten, worden groot.
-
21
En die kwaad voor goed vergelden, staan mij tegen, omdat ik het goede najaag.
-
22
Verlaat mij niet, o HEERE, mijn God! wees niet verre van mij. [ (Psalms 38:23) Haast U tot mijn hulp, HEERE, mijn Heil! ]