📖 Psalmen 135
-
1
Hallelujah! Prijst den Naam des HEEREN, prijst Hem, gij knechten des HEEREN!
-
2
Gij, die staat in het huis des HEEREN, in de voorhoven van het huis onzes Gods!
-
3
Looft den HEERE, want de HEERE is goed; psalmzingt Zijn Naam, want Hij is liefelijk.
-
4
Want de HEERE heeft Zich Jakob verkoren, Israel tot Zijn eigendom.
-
5
Want ik weet, dat de HEERE groot is, en dat onze Heere boven alle goden is.
-
6
Al wat den HEERE behaagt, doet Hij, in de hemelen, en op de aarde, in de zeeen en alle afgronden.
-
7
Hij doet dampen opklimmen van het einde der aarde; Hij maakt de bliksemen met den regen; Hij brengt den wind uit Zijn schatkameren voort.
-
8
Die de eerstgeborenen van Egypte sloeg, van den mens af tot het vee toe.
-
9
Hij zond tekenen en wonderen in het midden van u, o Egypte! tegen Farao en tegen al zijn knechten.
-
10
Die veel volken sloeg, en machtige koningen doodde;
-
11
Sihon, den koning der Amorieten, en Og, den koning van Basan, en al de koninkrijken van Kanaan,
-
12
En Hij gaf hun land ten erve, ten erve aan Zijn volk Israel.
-
13
O HEERE! Uw Naam is in eeuwigheid; HEERE! Uw gedachtenis is van geslacht tot geslacht.
-
14
Want de HEERE zal Zijn volk richten, en het zal Hem berouwen over Zijn knechten.
-
15
De afgoden der heidenen zijn zilver en goud, een werk van mensenhanden.
-
16
Zij hebben een mond, maar spreken niet; zij hebben ogen, maar zien niet;
-
17
Oren hebben zij, maar horen niet; ook is er geen adem in hun mond.
-
18
Dat die ze maken, hun gelijk worden, en al wie op hen vertrouwt.
-
19
Gij huis Israels! looft den HEERE; gij huis Aarons! looft den HEERE.
-
20
Gij huis van Levi! looft den HEERE; gij die den HEERE vreest! looft den HEERE.
-
21
Geloofd zij de HEERE uit Sion, Die te Jeruzalem woont. Hallelujah!